Hoe je IT kunt laten groeien zonder extra stroom
Digitalisering groeit in ieder bedrijf. Ook in het jouwe. Processen worden slimmer, sneller en efficiënter door automatisering en steeds vaker ook door AI. Dat levert veel op, maar het heeft een prijs: je IT vraagt meer stroom. En precies daar begint in Nederland een probleem dat de komende jaren alleen maar groter wordt.
De grenzen van het stroomnet zijn namelijk niet meer theoretisch. Ze zijn praktisch geworden. Zichtbaar. Pijnlijk zichtbaar. Een Australisch bedrijf is zelfs een procedure gestart tegen TenneT om een nieuw datacenter aangesloten te krijgen. Niet voor volgende maand, niet voor volgend jaar, maar voor 2029, wanneer dat datacenter operationeel moet zijn. Het antwoord: levering wordt pas rond 2035 verwacht.
Laat dat even op je inwerken. Wie vandaag extra netcapaciteit nodig heeft, kan in de praktijk met wachttijden van vele jaren te maken krijgen. Dat raakt niet alleen hyperscalers en datacenters. Ook bedrijven die willen uitbreiden, verduurzamen of hun digitale ambities willen versnellen, lopen tegen dezelfde muur aan. En zelfs op lokaal niveau merk je het al: een zwaardere aansluiting aanvragen is allang geen vanzelfsprekendheid meer. De ruimte op het hoogspanningsnet én op de regionale netten raakt op. En uitbreiden kost tijd. Veel tijd.
Dat betekent iets belangrijks voor iedere directeur, CIO en IT-manager: groei van je bedrijf kun je niet langer los zien van het energieverbruik van je IT. Meer digitale slagkracht vragen zonder naar stroom te kijken, is dezelfde fout als een distributiecentrum willen verdubbelen zonder te controleren of de toegangsweg dat verkeer aankan.
In dit blog geef ik mijn visie op een praktischer route. Niet door te wachten op extra capaciteit, maar door eerst zichtbaar te maken waar je IT echt verbruikt, waar de grootverbruikers zitten en hoeveel verspilling er ongemerkt in je omgeving verstopt zit. Want in veel organisaties is nog verrassend veel groeiruimte mogelijk binnen de aansluiting die er al is. Soms zelfs met minder stroom dan vandaag.
IT-groei begint met inzicht in verbruik
Jarenlang was stroomverbruik binnen IT nauwelijks een onderwerp. Servers draaiden, storage groeide, applicaties werden zwaarder en als de aansluiting te klein werd, vroeg je gewoon een grotere aan. Dat was vervelend, maar zelden een strategisch probleem. Die werkelijkheid is verdwenen.
Vandaag is extra capaciteit op veel plekken niet snel beschikbaar. Een aansluiting verzwaren of een nieuwe aanvragen voor een extra vestiging, productielocatie of datacenter duurt vaak zo lang dat het direct invloed krijgt op je groeiplannen. Niet omdat je business geen kansen ziet, maar omdat de fysieke randvoorwaarden ontbreken om die groei te ondersteunen.
Tegelijkertijd zijn de kosten van elektriciteit fors opgelopen. In veel organisaties is de energierekening niet een beetje hoger geworden, maar structureel zwaarder gaan drukken op de exploitatie. Dat maakt een oude blinde vlek ineens een bestuursvraag. Want zodra stroom schaars én duur wordt, wil je weten waar die capaciteit naartoe gaat en wat die eigenlijk oplevert.
Daar begint het echte werk. Niet bij de totaalmeter op de factuur, maar in de details van je IT-landschap. Welke servers trekken het meest? Welke storageplatforms vreten ongemerkt capaciteit? Welke workloads, transacties, processen of gebruikers veroorzaken pieken? En minstens zo belangrijk: welke delen van je omgeving gebruiken veel stroom zonder evenredige bedrijfswaarde terug te geven?
Precies daar gaat het in veel organisaties mis. Omdat energieverbruik van IT jarenlang geen beperkende factor was, heeft bijna niemand scherp inzicht in de grootste verbruikers binnen zijn digitale omgeving. Niet op serverniveau, niet op workloadniveau en al helemaal niet in relatie tot bedrijfswaarde.
Dat inzicht is nu onmisbaar. Wie weet waar het verbruik vandaan komt, kan gericht optimaliseren. Dan wordt groei niet langer automatisch vertaald naar meer stroom, meer kosten en meer afhankelijkheid van een net dat toch al onder druk staat. Dan kun je je IT laten meegroeien met je bedrijf, binnen de aansluiting die je al hebt. En in sommige gevallen zelfs met minder verbruik dan vandaag.
Waarom efficiëntere hardware te weinig oplevert
De reactie is voorspelbaar. Als stroom een beperkende factor wordt, ligt een voor de hand liggende oplossing op tafel: koop zuinigere hardware. Nieuwe servers zijn immers efficiënter dan oude. En dat klopt ook. Wie exact dezelfde workloads op nieuwere hardware draait, gebruikt per saldo meestal minder stroom.
Alleen is dat zelden genoeg.
Het probleem is niet dat hardware niet efficiënter wordt. Het probleem is dat de vraag naar digitale capaciteit veel sneller groeit dan die efficiëntiewinst kan bijhouden. Organisaties draaien meer applicaties, verwerken meer data, automatiseren meer processen en voegen AI toe aan omgevingen die toch al steeds zwaarder belast worden. Dan helpt een zuinigere server wel, maar niet genoeg om de structurele groei op te vangen.
Daar komt iets praktisch bij. Hardware vervang je meestal niet ieder jaar, maar eens per vijf tot zeven jaar. Op dat moment maak je een efficiency-stap. Tussendoor niet. Wie denkt dat je dit oplost door veel sneller te vervangen, loopt tegen de realiteit van budgetten aan. Jaarlijks alles vernieuwen is financieel zelden aantrekkelijk, en de winst van zo’n kleine tussenstap is meestal beperkt.
Ook de verwijzing naar Moore’s law helpt hier niet veel. Die wet ging nooit over energie-efficiëntie. Gordon Moore deed een observatie over de groei van het aantal transistoren op chips. Dat is iets anders dan performance per watt. Bovendien lopen chipfabrikanten al jaren tegen natuurkundige grenzen aan, waardoor efficiëntiewinst steeds minder spectaculair wordt. Hardware wordt nog steeds beter, maar niet in een tempo dat jouw groei vanzelf opvangt.
Dat zie je overal terug. Ondanks zuinigere hardware stijgt het totale energieverbruik van IT nog steeds. Niet omdat fabrikanten falen, maar omdat het gebruik van IT sneller toeneemt dan de efficiëntie van de onderliggende techniek.
Wie dus denkt dat nieuwe hardware dit probleem oplost, kijkt te smal. Efficiëntere hardware helpt, maar is hooguit een deel van de oplossing. De echte winst zit in iets anders: weten welke workloads, systemen en gebruikspatronen onnodig veel capaciteit vragen, en daar gericht op sturen.
Zo maak je groeiruimte zonder extra stroom
Wie alleen naar het totale stroomverbruik van IT kijkt, ziet vooral een eindbedrag. Wie inzoomt, ziet waar de echte ruimte zit. Dan wordt zichtbaar welke workloads onnodig zwaar zijn, welke processen pieken veroorzaken en waar capaciteit wordt verspild zonder dat daar extra bedrijfswaarde tegenover staat.
Precies daar ontstaat speelruimte. Niet door harder te duwen op je aansluiting, maar door slimmer te sturen op wat je al hebt. Door workloads beter te plannen. Door piekbelasting te verlagen. Door verbruik te koppelen aan gebruikers, transacties en bedrijfsprocessen. Dan kun je groeien zonder dat je stroomverbruik automatisch meegroeit.
Sciante helpt je om dat inzicht boven tafel te krijgen. Niet in abstracte dashboards, maar in concrete antwoorden op een praktische vraag: waar lekt je capaciteit weg, en wat kun je daaraan doen?
Wil je weten hoeveel ruimte er in jouw IT nog verstopt zit? Maak dan een vrijblijvende afspraak met mij. Dan kijken we samen waar je kunt optimaliseren, zodat je IT kan doorgroeien zonder dat je stroomaansluiting je afremt.